Oude volksverhalen in het 5de leerjaar

Een tijdje geleden leerden we over volksverhalen. Dat zijn verhalen die mondeling werden doorverteld en vaak weet men niet hoe oud ze zijn, waar ze eerst verteld werden en door wie. We hebben ook het verschil met een sprookje besproken. En daarna kwam de ECHTE opdracht van deze les … We moesten van zo een volksverhaal een toneeltje maken en daarna dat toneeltje voor de klas spelen. Maar dat was nog niet alles, want het toneeltje moest aan een aantal voorwaarden voldoen.

We moesten een woord uit de tekst vervangen door een synoniem, een woord met tegenovergestelde betekenis gebruiken, minstens drie zinnen aanvullen met een passend deel dat rijmt en tenslotte moest er tweemaal een geluid nagebootst worden. Dat is een hele boterham hé!

Wel, wij hebben dat allemaal klaar gekregen. We speelden met onze 4 groepjes: ‘Heksen op de koffie’ (een Nederlands volksverhaal), ‘Olde Böppe’ (een Drents volksverhaal over een watergeest), ‘Toen het pannenkoeken regende’ ( een Argentijns volksverhaal) en ‘Marietje, de prinses op de erwt’ (naar een sprookje van Hans Christian Andersen).